Terreinproeven en monstername – geotechniek

Binnen de dienst Terreinproeven en monstername worden geotechnische onderzoeken uitgevoerd en grondmonsters genomen op de onderzoekslocatie. Deze monsters worden nadien beschreven en in het laboratorium geanalyseerd om de aard, stratigrafie en geotechnische karakteristieken van de ondergrond te bepalen.

Voorafgaand aan de uitvoering van de terreinproeven wordt een voorbereidende studie uitgevoerd. Hierbij worden onder meer aanwezige nutsleidingen gelokaliseerd, wordt de mogelijke aanwezigheid van CTE’s (Conventionele en Toxische Explosieven) nagegaan en wordt een eerste evaluatie gemaakt van eventuele bodemverontreiniging op de onderzoeks-site.

Na uitvoering van de terreinproeven worden de meetgegevens verwerkt en geïnterpreteerd. De resultaten worden vervolgens samengevat in een technisch proefverslag.

Beschrijving

Beschrijving

Overzicht van de terreinproeven

De volgende geotechnische terreinproeven en monsternameactiviteiten kunnen worden uitgevoerd:

  • Sonderingen
  • Boringen
  • Aanvullende geotechnische terreinproeven

Sonderingen

Bij een sondering wordt een sondeerinstallatie gebruikt om een reeks stalen stangen met aan het uiteinde een conisch meetelement met een constante snelheid (2 cm/s) verticaal in de ondergrond te drukken. Tijdens het indrukken worden op regelmatige intervallen (elke 2 cm) metingen uitgevoerd van de conus tipweerstand en de plaatselijke wrijvingsweerstand in de verschillende grondlagen.

Deze metingen leveren een continu profiel van de bodemweerstand, waarmee de stratigrafie en de mechanische eigenschappen van de grondlagen kunnen worden geïnterpreteerd.

De volgende types sonderingen kunnen worden uitgevoerd:

  • Mechanische sonderingen (CPTm)
  • Elektrische sonderingen (CPTe), eventueel met meting poriënwaterspanning (CPTu) al dan niet gecombineerd met dissipatieproeven
  • Seismische sonderingen (SCPTe) – bepaling dynamische stijfheid (schuifgolfsnelheid, vs)
  • Spoelsonderingen – mogelijkheid om grotere dieptes te bereiken

We hebben verschillende CPT toestellen die kunnen ingezet worden naargelang de plaatselijke omstandigheden op terrein of toegankelijkheid.

We beschikken over 3 x 20 ton toestellen (type Track-Truck of rups), 1 x klein 10 ton toestel (op rupsen met verankering) en een 20 ton sondeerplatform dat op een kraanarm kan geïnstalleerd worden voor moeilijk bereikbare plaatsen.

Track Truck

                                                20 ton Track-Truck                      

 

20 ton Rups

                                               20 ton Rups

 

sonderrplatform op kraanarm

                                                                              20 ton sondeerplatform op kraanarm

 

 


Boringen

Bij geotechnische boringen worden grondstalen genomen om meer informatie te verkrijgen over de opbouw en eigenschappen van de ondergrond. Deze stalen worden geologisch en geotechnisch beschreven, ze worden geclassificeerd op basis van hun samenstelling en textuur (bijvoorbeeld zand, klei, leem, veen, enz.).

De genomen monsters kunnen verder worden onderzocht in het kader van geotechnische laboratoriumproeven.

Afhankelijk van het doel van het onderzoek kunnen verschillende boortechnieken worden toegepast:

  • Droogboringen met discontinue monstername
  • Droogboringen met continue monstername
  • Steekbussen voor ongeroerde monstername
  • Kernboringen
  • Installatie van peilbuizen voor grondwatermonitoring

Aanvullende geotechnische terreinproeven

Voor een meer gedetailleerde karakterisering van de ondergrond kunnen aanvullende terreinproeven worden uitgevoerd. Deze proeven leveren specifieke parameters die nodig zijn voor geotechnische berekeningen en ontwerp.

Onder meer de volgende proeven kunnen worden uitgevoerd:

  • Infiltratie- en doorlatendheidsproeven voor de bepaling van de hydraulische doorlatendheid van de bodem. Voorlopig enkel dubbele ring, maar zal worden uitgebreid.
  • In-situ terreinvinproeven voor de bepaling van de ongedraineerde schuifweerstand van cohesieve gronden

Daarnaast kunnen geotechnische constructies worden opgevolgd via geavanceerde monitoringtechnieken, waarmee inzicht wordt verkregen in het gedrag en de prestaties van constructies en funderingen.


 

Voorbeeldproject: Nieuwe sluis in Sint-Baafs-Vijve: "Een sterk staaltje NeXperta-samenwerking"

Op de Leie, ter hoogte van het West-Vlaamse Sint-Baafs-Vijve, werd in augustus 2023 een gloednieuwe sluis in gebruik genomen. De werken maken deel uit van het Europese binnenvaartproject ‘Seine Schelde Vlaanderen’, dat het Scheldebekken zal verbinden met het hart van Frankrijk. Het ontwerp van de sluis was in handen van de NeXperta-afdelingen van ons departement.

Met haar 16 meter is de nieuwe sluis een flink stuk breder dan de andere sluizen op de Leie. Voortaan kunnen hier schepen tot 4.500 ton en met een lengte van 190 meter passeren, en zijn uitzonderlijke transporten mogelijk. Volledig nieuwe sluizen voor de binnenvaart komen nochtans niet zo vaak meer voor. “Dat komt voornamelijk omdat het type schip dat op de kanalen en rivieren vaart in de regel niet verandert”, licht studie-ingenieur Robin Timmermans van EBS toe. “Het volstaat meestal om de beweegbare onderdelen van de bestaande sluizen te vervangen, maar dan wel volgens de nieuwste technieken en inzichten. Omdat de Leie momenteel wordt klaargestoomd voor grote schepen die evenveel kunnen vervoeren als 200 vrachtwagens, was de bestaande sluis in Sint-Baafs-Vijve te klein voor het verwachte scheepvaartverkeer en moest ze vervangen worden door een nieuwe”. De sluis in Sint-Baafs-Vijve is niet de enige die recent werd gebouwd. Vorig jaar werd ook in Harelbeke een nieuwe sluis geopend en binnenkort komt er nog een in Aalst.

Met vereende krachten

De verschillende NeXperta-afdelingen zijn erg trots op deze verwezenlijking. “De sluis is een technisch hoogstandje met tal van vernieuwingen, onder meer op het vlak van aandrijving en draaipunten”, legt Robin uit. “Je mag ze gerust zien als het nieuwe standaardmodel in Vlaanderen. Het ontwerp van de sluis is bovendien volledig door NeXperta uitgevoerd: de afdeling EBS stond in voor het ontwerp, de studie, uitvoering en keuring van de nieuwe sluis. De voormalige afdeling EMT, die nu ook tot EBS behoort, was verantwoordelijk voor de aandrijving, bediening, automatisatie en verlichting. Geotechniek deed onderzoek naar de ondergrond, grondwaterpeilen, zettingen en vervormingen van de sluis en de omgeving tijdens en na de bouw. Het Waterbouwkundig Laboratorium voerde schaalmodelproeven en simulaties uit. De afdeling ATO stond ten slotte in voor de 3D-opmetingen en positiecontroles. Een knap staaltje samenwerking, dus.”

 

Leie_Wielsbeke_nieuwe sluis

Bijlagen en verwante bestanden

Termijn en capaciteit

Termijn: onze planning is dynamisch. Afhankelijk van de complexiteit en aard van de vraag schatten we een doorlooptijd. Gelieve contact op te nemen met ons om een termijn te bespreken.

Capaciteit: geotechniek voert jaarlijks een 800-tal sonderingen uit met twee sondeerploegen en beschikt daarvoor over drie sondeerunits met capaciteit 200kN en 1 sondeerunit capaciteit 100kN. Voor terreinvinproeven beschikken we over één vinapparaat. Daarnaast doen we jaarlijks een 30-tal boringen met monsterontname, waarbij we al dan niet een open waterstandspijp plaatsen om de waterstanden op te volgen. Daarvoor beschikken we over twee boormachines en één boorploeg.

Aanvragen

Op het aanvraagformulier (T1) voor deze dienst moet u de volgende informatie meegeven:

  • gegevens over het (bouw)project waarvoor het grondonderzoek input moet leveren
  • uit te voeren proeven (soort, type, grootte, orde, aantallen)
  • toegankelijkheid van het onderzoeksterrein
  • gegevens over eventuele vervuiling en aanwezigheid van CTE's op de onderzoekssite

Na contact bespreken we verder welke gegevens je moet indienen om de proeven en/of monsterontname op het terrein te kunnen aanvatten.

Contact

Geotechniek (GEO)

Adres
Technologiepark-Zwijnaarde 68
9052 Gent
Telefoon
09 240 75 11
E-mail
geotechniek@vlaanderen.be
Website

Doelgroepen

Gerelateerde dienstverlening